Wat te doen op Eysturoy? Als je houdt van autoroutes met bergen, fjorden, schapen op de weg en dorpjes waar de weg ineens lijkt op te houden, dan zit je hier goed. Eysturoy is een van die eilanden op de Faeröer waar de route zelf minstens zo leuk is als de stops onderweg.
Wij maakten een ronde over het noordelijke deel van Eysturoy vanuit Kollafjørður. Het werd een echte landschapsdag. Niet eentje waarbij je van museum naar museum gaat, maar vooral een dag van rijden, stoppen, kijken, foto’s maken en weer door. En eerlijk: dat past hier perfect.
Omdat we met een baby reisden en het weer in de ochtend niet meewerkte, vertrokken we pas rond kwart voor drie. Normaal zou ik voor deze route wat eerder gaan, maar op de Faeröer is het in de zomer toch lang licht. En achteraf kwam het goed uit, want juist in de middag klaarde het op.
In deze blog neem ik je mee langs onze route over Eysturoy, met Gjógv, Hvíthamar, Funningur, Eiði, Risin og Kellingin en een paar extra plekken die je kunt toevoegen als je meer tijd hebt.

Dit lees je in deze blog
Eysturoy: fjorden, bergpassen en rustige dorpen
Eysturoy ligt naast Streymoy en is makkelijk te bereiken met de auto. Je kunt via de brug rijden of via de bekende Eysturoyartunnilin, de tunnel met de onderzeese rotonde. Alleen dat klinkt al als een bezienswaardigheid, maar op Eysturoy draait het vooral om wat je boven de grond ziet.
Het eiland is heel afwisselend. Je rijdt langs fjorden, over bergpassen, door kleine dorpen en langs hellingen waar overal watervallen vanaf komen. Wij vonden vooral het noorden van Eysturoy heel mooi. De wegen zijn soms smal en bochtig, maar de uitzichten maken veel goed.
Verwacht geen dag vol grote attracties. Eysturoy is meer een eiland om rustig te rijden en onderweg steeds even uit te stappen. Soms is de route naar een dorp eigenlijk al de highlight van de stop.
Onze route over Eysturoy in het kort
Wij sliepen in de buurt van Kollafjørður en reden vanaf daar richting Eysturoy. Dit was ongeveer onze route:
- Gjógv: dorp met een natuurlijke zeekloof en mooie ligging tussen de bergen.
- Gongutúrur / Hvíthamar Trailhead: korte wandeling naar een uitzichtpunt boven Funningsfjørður.
- Funningur en de bergpas: een van de mooiste autoroutes van de dag.
- Eiði en Risin og Kellingin: uitzicht op de beroemde Reus en Heks vanaf de Eysturoy-kant.
- Elduvík: optionele omweg naar een rustig dorpje aan zee.
Parkeren was overal gratis en goed te doen. Dat vonden wij opvallend fijn, want bij sommige populaire plekken op de Faeröer betaal je inmiddels flink voor toegang of parkeren. Op deze route konden we steeds makkelijk stoppen, uitstappen en weer verder.
In totaal ben je niet extreem lang aan het rijden, maar je stopt waarschijnlijk vaak. Wij hadden de hele dag het gevoel dat we na elke bocht weer een nieuw uitzicht kregen. En dan stonden er ook nog overal schapen op of naast de weg. Ik denk dat er die dag nog nooit zoveel schapenfoto’s zijn gemaakt in onze auto.

Gjógv: het dorp met de beroemde kloof
Onze eerste echte stop was Gjógv. Dit dorp ligt prachtig in het noorden van Eysturoy, tussen bergen en zee. De naam Gjógv betekent letterlijk kloof, en dat is precies waar het dorp bekend om staat. Vanuit het dorp loopt een natuurlijke kloof richting de oceaan, die vroeger als haven werd gebruikt.
De route naar Gjógv is al een feestje. Je rijdt langs water, bergen en groene hellingen waar watervallen vanaf komen. Onderweg kom je meerdere uitzichtpunten tegen en waarschijnlijk ook schapen die vinden dat de weg gewoon van hen is.
In Gjógv zelf kun je rustig rondwandelen. Het dorp is klein, maar heel fotogeniek. Kleurrijke huizen, grasdaken, bergen eromheen en dan die kloof die naar zee loopt. Het is een fijne plek om even uit de auto te stappen en niet meteen weer door te hoeven.
Wandelen bij de kloof
Loop in Gjógv vooral naar het einde van het dorp, waar je bij de natuurlijke kloof uitkomt. Je kunt hier via trappen en paden een kijkje nemen bij het water. Zeker als de zee wat ruiger is, hoor je goed hoe het water tegen de rotsen slaat.
Vanaf de linkerkant van de kloof kun je een klein stukje omhoog lopen. Daar vind je onder andere Crown Princess Mary’s Bench, een houten bankje dat is geplaatst ter ere van het bezoek van de Deense kroonprinses Mary in 2005. Wij zijn in Gjógv zelf niet meer omhoog gelopen, omdat we net al de wandeling bij Hvíthamar hadden gedaan en hier vooral rustig wilden rondkijken.
Dat vonden we ook prima. Gjógv hoeft geen lange hike te worden. Juist het dorp, de kloof en de ligging maken deze stop mooi. Zeker als je al meerdere uitzichtpunten op een dag doet, is het ook lekker om gewoon even door het dorp te lopen en de zee te bekijken.
Papegaaiduikers bij Gjógv?
Rond de kliffen bij Gjógv kun je soms papegaaiduikers zien. Wij hebben hier vooral veel naar papegaaiduikers staan kijken. Ze zaten niet dichtbij genoeg voor een mooie foto, maar het blijft leuk om ze te spotten. Papegaaiduikers zijn kleiner dan je denkt en ze poseren helaas niet even rustig op een rots.
Zie je ze niet? Dan is Gjógv alsnog de moeite waard. Je komt hier niet alleen voor de vogels, maar vooral voor het dorp, de kloof en de route ernaartoe.
Daarnaast kun je hier ook overnachten en zoeken naar kleine vakantiehuizen of appartementen in en rond Gjógv, maar reken niet op een groot hotelaanbod.

Gongutúrur / Hvíthamar Trailhead: korte hike, groot uitzicht
Een van de bekendste uitzichtpunten op Eysturoy is Hvíthamar. Op Google Maps vind je het ook terug als Gongutúrur / Hvíthamar Trailhead. Dit viewpoint ligt boven Funningur en kijkt uit over Funningsfjørður en de omliggende bergen.
Wij hebben deze wandeling wél gedaan, maar niet helemaal tot aan de top. Dat hoeft wat ons betreft ook niet per se. Al vrij snel krijg je mooie uitzichten over de fjord en de spitse bergen. Het is zo’n plek waar je na een paar minuten al begrijpt waarom mensen hier stoppen.
De parkeerplaats ligt bij de bergpas tussen Gjógv en Funningur. Vanaf daar loop je via een kort pad omhoog richting het uitzichtpunt. Het begin is duidelijk en deels aangelegd, maar daarna wordt het al snel een drassig graspad.

Bij ons was het genoeg om een deel van de route te lopen. Je krijgt dan al dat mooie uitzicht over de fjord, zonder dat je de hele wandeling hoeft af te maken. Dat is ook meteen het fijne aan Hvíthamar: je kunt zelf bepalen hoe ver je gaat.
Doe Hvíthamar wel alleen bij goed zicht en milde wind. Er staan geen hekken bij de rand en de afgrond is diep. Is het mistig, nat of stormachtig? Dan zou ik deze overslaan en kiezen voor uitzichtpunten langs de weg. Daar krijg je op Eysturoy ook genoeg moois voor terug.

Funningur en de bergpas: misschien wel het mooiste stuk rijden
Na Hvíthamar reden we verder richting Funningur. En dit vonden wij misschien wel het mooiste stuk van de dag. De weg slingert door een landschap van bergen, fjorden en scherpe bochten. Soms rij je boven het water, soms tussen groene hellingen waar kleine watervallen naar beneden lopen.
Dit is typisch zo’n route waarbij de bestemming bijna bijzaak wordt. Je rijdt niet alleen om ergens te komen, je rijdt omdat de weg zelf mooi is. Wel even opletten, want de wegen zijn smal en op sommige stukken heb je maar één rijbaan. Gelukkig zijn er uitwijkplekken, maar met tegenliggers en schapen blijft het opletten.
Funningur zelf ligt prachtig aan de fjord. Je hoeft hier niet per se lang te stoppen, maar het uitzicht rondom het dorp is heel mooi. Zeker als je via de bergpas rijdt, krijg je steeds weer nieuwe hoeken op het landschap.

Eiði en Risin og Kellingin
Een andere logische stop op Eysturoy is Eiði. Net voor of rond het dorp kun je stoppen voor uitzicht op Risin og Kellingin: de twee bekende zeestapels in zee. In het Nederlands worden ze vaak de Reus en de Heks genoemd.
Misschien heb je ze eerder al vanaf Tjørnuvík op Streymoy gezien. Vanaf Eysturoy bekijk je ze weer vanuit een ander perspectief. Dat maakt het leuk om beide kanten mee te pakken, zeker als je ook onze route over Noord-Streymoy doet.
Volgens de legende probeerden een reus en een heks de Faeröer naar IJsland te slepen. Dat lukte niet, en toen de zon opkwam veranderden ze in steen. Of het waar is laten we maar even in het midden, maar het maakt zo’n uitzichtpunt net wat leuker.

Ben je ook op Streymoy? Lees dan onze blog over Tjørnuvík op de Faeröer, waar je Risin og Kellingin vanaf het zwarte strand ziet.
Let op: de weg langs Slættaratindur is seizoensgebonden
Een praktische tip die je niet wilt missen: de weg langs Slættaratindur, tussen Risin og Kellingin / Eiði en Gjógv, is niet het hele jaar open. Houd er rekening mee dat deze route normaal gesproken alleen open is van 1 mei tot 1 oktober.
Reis je buiten die periode, check dan vooraf goed de actuele wegstatus en route. Op de Faeröer kunnen wegen door sneeuw, ijs, wind of onderhoud tijdelijk dicht zijn. Ook in het seizoen blijft het slim om de omstandigheden te checken, zeker als het hard waait of mistig is op de bergpas.
Slættaratindur zelf is met 880 meter de hoogste berg van de Faeröer. Wij hebben de top niet beklommen, maar je rijdt in deze regio wel langs indrukwekkend berglandschap. Bij helder weer is dit een van de mooiste stukken van Eysturoy.

Elduvík: rustige omweg aan zee
Heb je aan het einde van de dag nog energie, dan kun je een extra omweg maken naar Elduvík. De weg ernaartoe is weer zo’n mooie Faeröer-route langs fjorden en groene hellingen. Het dorp zelf is klein, rustig en ligt mooi aan zee.
Wij vonden ook hier vooral de autoroute de highlight. Dat klinkt misschien alsof het dorp zelf tegenvalt, maar zo bedoel ik het niet. Op Eysturoy zijn veel plekken gewoon onderdeel van een groter geheel: de weg, het uitzicht, de schapen, de fjord en dan een klein dorp aan het einde.

Wat kun je nog meer doen op Eysturoy?
Wij hebben niet alles op Eysturoy gedaan. Daarvoor moet je meer tijd hebben, en op de Faeröer bepaalt het weer ook gewoon een groot deel van je planning. Heb je extra tijd, dan kun je deze plekken nog toevoegen.
Slættaratindur beklimmen
Slættaratindur is de hoogste berg van de Faeröer. Bij helder weer schijnt het uitzicht vanaf de top geweldig te zijn. Wij hebben deze hike niet gedaan, maar als je van wandelen houdt en het weer is goed, dan is dit een van de bekendste hikes op Eysturoy.
Let wel goed op de omstandigheden. Mist, wind en regen kunnen deze wandeling snel minder leuk of minder veilig maken. Ga dus niet alleen omdat hij op je lijstje staat. Op de Faeröer moet je soms gewoon durven overslaan.
Eysturoyartunnilin
De Eysturoyartunnilin is de bekende onderzeese tunnel tussen Streymoy en Eysturoy. Vooral de onderzeese rotonde met lichtkunst maakt hem bijzonder. Het is geen plek waar je uitstapt, maar wel een grappig onderdeel van je route als je erdoorheen rijdt.
Let wel op eventuele tol via je huurauto. Vaak wordt dit achteraf doorberekend. Handig om even te checken bij je verhuurder, zodat je niet verrast wordt.
Gøta en Norðragøta
Gøta en Norðragøta zijn interessant als je iets meer cultuur wilt toevoegen aan je route. In deze omgeving vind je historische plekken, een kerk en in de zomer ook het bekende G! Festival. Wij zijn hier niet uitgebreid gestopt, maar het kan een leuke aanvulling zijn als je minder op natuur en meer op dorpen wilt focussen.
Runavík en Toftavatn
Runavík is vooral praktisch, met winkels en voorzieningen. Toftavatn is juist weer een rustig natuurgebied bij een meer. Niet per se een must als je weinig tijd hebt, maar wel fijn als je een rustiger stop zoekt.
Eysturoy combineren met Streymoy
Eysturoy is heel goed te combineren met Streymoy. Wij sliepen zelf in de buurt van Kollafjørður, waardoor we snel beide kanten op konden. De ene dag deden we Noord-Streymoy met Saksun, Fossá en Tjørnuvík. De andere dag maakten we deze route over Eysturoy.
Heb je genoeg tijd, dan zou ik beide eilanden een eigen dag geven. Streymoy voelt wat meer als een route langs afgelegen dorpen en watervallen. Eysturoy vonden wij vooral sterk door de bergpassen, fjorden en uitzichtpunten.
Lees ook onze blog over wat te doen op Streymoy als je deze regio handig wilt combineren.

Overnachten voor Eysturoy
Voor Eysturoy kun je op verschillende plekken overnachten. Wij sliepen in een appartement / boerderijhuis in de buurt van Kollafjørður. Dat vonden wij handig, omdat je centraal zit tussen Streymoy en Eysturoy. Je rijdt makkelijk naar Saksun, Tjørnuvík, Gjógv en Funningur, maar zit ook niet te ver van Tórshavn.
Wil je ongeveer zo centraal zitten als wij? Bekijk dan accommodaties in de buurt van Kollafjørður. Je zit daar rustiger dan in de hoofdstad, maar nog steeds handig voor routes over Streymoy en Eysturoy.
Wil je liever meer restaurants, winkels en voorzieningen in de buurt? Dan is Tórshavn vaak de meest praktische keuze. Je rijdt dan wel wat meer, maar hebt ’s avonds meer gemak.

Praktische tips voor Eysturoy
- Vertrek liever wat eerder dan wij. Wij gingen pas rond kwart voor drie weg, wat door het lange daglicht nog kon. Maar met meer tijd is het relaxter.
- Parkeren was overal gratis en makkelijk. Bij Gjógv, Hvíthamar en de uitzichtpunten konden wij goed parkeren.
- Zie de autoroute als onderdeel van de dag. Op Eysturoy zijn de wegen en uitzichten vaak net zo mooi als de dorpen zelf.
- Rijd rustig. Veel wegen zijn smal en je deelt ze met tegenliggers, schapen en soms mist.
- Gebruik een draagzak met baby. Voor Hvíthamar en kleine paden is een kinderwagen niet handig.
- Sla Hvíthamar over bij mist of harde wind. Het uitzicht is mooi, maar veiligheid gaat voor.
- Let op de seizoensweg langs Slættaratindur. De weg tussen Risin og Kellingin / Eiði en Gjógv is normaal gesproken alleen open van 1 mei tot 1 oktober.
- Stop vaak genoeg. Je mist anders juist de charme van Eysturoy: kleine uitzichtpunten, schapen en fjorden onderweg.
- Check tol bij tunnels. Zeker als je via de Eysturoyartunnilin rijdt.

Een dag op Eysturoy: vooral rijden, kijken en vaak stoppen
Eysturoy was voor ons vooral een dag van mooie routes. Gjógv was prachtig gelegen, Hvíthamar gaf al snel een geweldig uitzicht, en onderweg zagen we meer schapen, fjorden en watervallen dan we konden tellen. Niet elke stop hoeft groots of spectaculair te zijn. Soms is het juist de combinatie van alles bij elkaar.
Wat ons opviel, is dat Eysturoy minder draait om één grote highlight en meer om de hele dag samen. De wegen, de bergpassen, de kleine dorpen, de uitzichten over het water en de steeds veranderende lucht maken het een heerlijke roadtripdag.
Heb je een paar dagen op de Faeröer, plan dan zeker een dag voor Eysturoy. Niet te strak, niet te vol, maar met genoeg ruimte om onderweg te stoppen. Want juist daar zit hier vaak het mooiste moment van de dag.

Boek eenvoudig je reis naar de Faeröer Eilanden
Hotels & appartementen
Auto huren


